Wetenschappelijke informatiedatabase tegen het gebruik van dierproeven

'Waarom ik op dieren geteste medicijnen inneem'

Gepubliceerd op: 10-03-2009

Het verhaal van een leukemiepatiënte die tegen dierproeven gekant is

Een van mijn artsen raadde me aan mijn zaken op orde te brengen. Daarom schrijf ik deze column. Ik wil uitleggen waarom iemand die zoveel op dieren geteste medicijnen inneemt toch tegen dierproeven is.
- door Simon Chaitowitz

Ik heb volledig ontwikkelde leukemie en de chemotherapie lijkt helemaal niet te werken. En zelfs als hij binnenkort wel zou aanslaan, zal ik niet genezen. Het is hoogstens een korte vertraging van de progressie van de ziekte. De kans op genezing is miniem.

Toch blijf ik elke ochtend en avond pillen slikken, breng ik meerdere uren per week door met een intraveneus in mijn arm, en onderga ik alle bijwerkingen van de behandeling, hopend op een wonder. Sommige mensen noemen me hypocriet omdat ik zou profiteren van de vooruitgang verkregen via dierproeven.

Ik heb echter niet het gevoel dat ik profiteer van het gezondheidszorgsysteem, al moet ik toegeven dat ik bij momenten uitzonderlijke zorg en verbazingwekkend meelevende artsten heb gehad.

Om te beginnen ontwikkelde ik in 2004 het myelodysplastische syndroom (MDS) van de chemo die ik onderging voor borstkanker. In 2006 onderging ik een stamceltransplantatie. Die gaf me twee jaar remissie, zij het met veel verschrikkelijke bijwerkingen. Afgelopen juli had ik een nieuwe terugval, ditmaal met acute myeloïde leukemie (AML). Mijn prognose ziet er slecht uit.

Gedurende de afgelopen zes jaar heb ik mij verschrikkelijk schuldig gevoeld over de medicijnen en procedures die ik heb ondergaan omdat ik weet dat in hun ontwikkeling zoveel dieren hebben geleden. Ik weet dit omdat ik in mijn vroegere baan werkzaam was voor een non-profit organisatie die alternatieven promootte voor dierproevenonderzoek. Ik weet over de wantoestanden door te praten met voormalige dierproefnemers en anderen die getuige waren van de wreedheden. Een man die ik ken via een online hulpgroep herinnerde zich dat hij honden hoorde janken van de pijn in het labo van het ziekenhuis waar we beiden onze transplantaties kregen.

De waarheid, meestal verborgen voor het publiek, is dat dierlijk onderzoek vreselijk wreed is. In tegenstelling tot wat de onderzoekswereld beweert, is de federale regelgeving extreem zwak en slecht uitgevoerd en sommige soorten, muizen bijvoorbeeld, zijn volledig uitgesloten van enige bescherming.Veel onderzoeken hebben aangetoond hoe slecht de condities voor proefdieren zijn.

Maar als iemand die onlangs aangemeld is voor een verpleeghuis voor terminale patiënten heb ik nóg een groot probleem met dierlijk onderzoek. Ik vraag me af of de wetenschap een remedie voor mijn leukemie zou hebben gevonden als ze niet op een zijspoor waren gezet door misleidende dierproeven. Ik vraag me af of de chemo die ik onderging voor borstkanker veiliger zou zijn geweest als deze niet was getest op soorten die verschillend zijn van ons.

De waarheid is dat het gebruik van dieren voor het ontwikkelen en testen van medicijnen een systeem is dat niet erg goed werkt. Het is een oud paradigma dat gelukkig begint te veranderen, alhoewel langzaam. Een groeiend aantal wetenschappers zijn een aantal spannende (en efficiëntere) niet-dierlijke alternatieven aan het ontwikkelen. Deze veranderingen zijn deels ingegeven door bezorgdheid over dierenmishandeling maar ook omdat dierenonderzoek ons zo vaak in de steek laat. Sommige overheidsinstanties beginnen zelfs op te roepen voor meer alternatieven.
Meer dan 90 procent van alle nieuwe geneesmiddelen die bewezen hadden efficiënt te zijn bij dieren werkten uiteindelijk niet bij mensen. Dat komt doordat dieren, alhoewel deze vergelijkbaar zijn met ons, andere fysiologische systemen hebben. Wat werkt in een muis werkt meestal niet in een mens.

De geschiedenis is vol van verhalen van geneesmiddelen die niet werken bij dieren, Aspirine bijvoorbeeld, die uiteindelijk wel werken bij mensen. En de dodenlijstpagina's zijn gevuld met verhalen van mensen die overleden zijn aan medicijnen die veilig leken bij dieren. De pijnstiller Vioxx bijvoorbeeld, veilig getest in muizen en vijf andere soorten, doodde vele duizenden Amerikanen.

Het antwoord op de vraag hoe ik het innemen van medicijnen kan rechtvaardigen, is dus simpel: ik wil, net als andere levende wezens waaronder ook de labdieren, wanhopig graag leven. En door de huidige wetgevingen heb ik geen andere keuze dan medicijnen te nemen die getest zijn.

Het huidige goedkeuringssysteem voor medicijnen erkent de superioriteit van de mensgerichte, niet-dierlijke onderzoeksmethoden (zoals microdosering) nog niet en alle farmaceutische bedrijven moeten gebruik maken van dieren om hun medicijnen goedgekeurd te krijgen. Hopelijk verandert deze situatie snel. Een coalitie van dierenbeschermingsgroepen en artsen heeft een verzoekschrift ingediend bij de US Food and Drug Administration om de resultaten van alternatieve proeven te aanvaarden, indien beschikbaar.

Als de chemomedicijnen die ik nu probeer niet werken, heb ik nog een laatste optie. Ik kan een Fase 1-proef proberen. Dat is een door dierproeven veelbelovend bevonden medicijn dat voor het eerst op mensen wordt getest. Mijn dokter wou me onlangs vertellen waarom zoveel deelnemers stierven in Fase 1-proeven, maar ik wist het antwoord al. Medicijnen die werken bij dieren, legde hij uit, werken meestal niet bij mensen.

Simon Chaitowitz is schrijfster, natuurliefhebber en dierenbeschermer. Ze woont in Washington in de VS en je kan haar blog bekijken op http://schaitowitz.blogspot.com/

Bron: Zaplog