Wetenschappelijke informatiedatabase tegen het gebruik van dierproeven

Een interview met Dr. Andre Menache

Gepubliceerd op: 21-11-2008

door Claudette Vaughan

Tegenwoordig zijn er weinig gekwalificeerde mensen die zich willen uitspreken tegen dierproeven. Uitzonderingen zijn Andre Menache en Colleen McDuling die eerder dit jaar Australië bezochten. Beide wetenschappers zijn bij dierenrechtenactivisten bekend om hun sterke opinie tegen dierproeven. Dokter Menache was ooit voorzitter van de Doctors and Lawyers for Responsible Medicine-commissie in het Verenigd Koninkrijk en is momenteel wetenschappelijk consulent voor Animal Aid UK. Hij heeft verschillende publicaties tegen dierproeven op zijn naam staan.

Loopt Australië achter op het Verenigd Koninkrijk als het op het afschaffen van vivisectie aankomt?
Australië loopt niet achter. Ironisch genoeg is er hier meer hoop op beterschap omdat er geen harde en snelle wetten zijn. Ik denk dat Australië een slachtveld zal worden voor dierproeven. Het kan alle kanten op. Een jaar geleden werden Australië en Nieuw-Zeeland bezocht door een van de topwoordvoeders van de Research Defence Society. Waarom zou die pro-vivisectie lobby die haar thuishaven in Engeland heeft, de moeite doen om hun woordvoerder, een medische doctor van opleiding, helemaal naar het andere eind van de wereld te sturen om propaganda te voeren? Ik denk dat het hen warm onder de voeten wordt in Europa en vooral dan Engeland. De farmaceutische bedrijven zullen hun onderzoek overhevelen naar andere landen indien nodig. Australië is een mogelijkheid. Uiteraard zijn ook Zuid-Afrika, China en alle Aziatische landen waar geen dierenwelzijnswetten bestaan mogelijke kandidaten. In Australië zijn die er wel, maar hou in je achterhoofd dat ze hun topmensen naar hier gebracht hebben om de boel te verkennen.

Hoe sta jij tegenover de SPEAK-campagne in het Verenigd Koninkrijk?
Die steun ik nog steeds volledig. De strijd op Oxford is belangrijk, omdat geen van beiden partijen deze wil verliezen. De vivisectie-lobby is bang omdat ze verloren hebben op Cambridge. Als ze ook op Oxford verliezen, kunnen we van een domino-effect spreken en dat is hun ergste nachtmerrie. Oxford staat symbool voor de trots en vreugde van wetenschappelijk onderzoek in het Verenigd Koninkrijk. Het is een symbolische strijd. Beide partijen steken er al hun middelen en energie in. SPEAK heeft weinig middelen. Het is een hardwerkende grassroots organisatie die helaas op weinig politieke steun kan rekenen. Langs de andere kant wendt Oxford Universiteit al haar middelen aan en zij hebben de steun van het systeem, de regering en justitie. Vredevolle protesten in de buurt van Oxford zijn bijna een crimineel misdrijf geworden. Ze gaan een debat uit de weg en willen voorkomen dat mensen te weten komen wat er echt aan de hand is.

We weten dat tegenstanders van de oorlog in Irak werden geboycot om hun mening te geven en dat dierenrechtenactivisten op dezelfde manier monddood worden gemaakt. Hoe denk jij daarover?
De media hebben een handjevol dierenrechtenactivsten die het recht in eigen handen namen geviseerd. Ze hebben al hun aandacht op deze individuen gericht, en hebben hen gebrandmerkt als terroristen. Ze gaven de indruk dat iedereen die tegen dierproeven gekant is, een terrorist is en dat alle anderen intelligente, respectabele wetenschappers zijn die levens proberen te redden. Dat is niet eerlijk maar helaas zullen de media liever een foto nemen van een gewelddadige demonstratie dan van een wetenschapper als Colleen die hun wetenschappelijke argumenten tegen dierproeven willen meegeven. Maar je kan niet alle mensen altijd voor de gek houden. Vroeg of laat gaat de hype luwen en zal hetzelfde argument weer boven water komen. De Engelse bevolking is zo sterk begaan met dierproeven dat dit debat niet over zal waaien tot er op een transparante, wetenschappelijke manier mee wordt aangegaan.

Waarom neemt de bevolking zo makkelijk de flauwe argumenten van de vivisectoren aan?
Jarenlang hebben tegenstanders enkel morele en ethische argumenten gebruikt tegen dierproeven. Dat volstaat niet, net zomin als het wetenschappelijke argument op zich zal werken. Een combinatie van beiden is nodig. Het is maar heel recent dat het publiek bewust is gemaakt van het wetenschappelijk argument en dat ze beseffen: 'Wow. Dierproeven zijn niet enkel wreed. Ze zijn ook overbodig.' Dat verandert de zaken wel even! Het is ook bemoedigend dat TV-debatten waar het publiek gevraagd wordt hun mening te geven op het einde, zich niet meer concentreren op onderzoek voor cosmetica, maar ook op wetenschappelijk  onderzoek. Zo'n twee jaar geleden was het nog 50/50. Nu draait het in 60 procent van de debatten om wetenschappelijk onderzoek. Ik denk dat dit de andere zijde bezorgd maakt en ze wenden zich tot wanhopige maatregelen, zoals het aanmoedigen van intimidatie en pest-technieken van de politie bij vredevolle demonstraties. Ze laten bijna geen enkele demonstratie toe in de buurt van Oxford. Alles wordt heel hard beperkt. Door veel geld in het onderwijs te pompen en materiaal en goede sprekers naar scholen te sturen, proberen ze het hart en het verstand van jonge mensen in te palmen. Een pamflet dat momenteel de ronde doet, stelt: 'Hou je van dieren? Waarom overweeg je dan geen carrière als dierpoefnemer?'

Dit soort propaganda wordt naar steeds jongere kinderen uitgedragen. We hebben niet de middelen om dit te bestrijden en sommige grotere anti-vivisectie groeperingen, die wel de middelen hebben, lijken onderwijs geen prioriteit te vinden. Dat is volgens mij een verwaarloosd gebied.

Humaan onderwijs in dierenrechten betekende vroeger voor naar scholen gaan, literatuur produceren, een geweldloze levensstijl kiezen, enz. Vandaag de dag wordt het woord 'humaan' vaak geassocieerd met 'humane' slachtmethoden. Is dit een van de minpunten van de beweging?
Ja, dat is zo. Er bestaat uiteraard wel goed humaan onderzoek. Er zijn organisaties als de Dr Hadwin Trust in Engeland, die onderzoek sponsoren waarbij gebruik gemaakt wordt van niet-dierlijke testmethoden en menselijke weefsels. Dat komt langzaam op gang. Het is uiteraard iets wat de farmaceutische industrie al makkelijk 20 à 30 jaar zou kunnen en moeten ondersteund hebben. Maar ze zijn daar extreem langzaam mee voor vanzelfsprekende redenen: ze gebruiken liever dieren en de resultaten van dierproeven komen hen goed uit. Daarom zijn het private instellingen die niet over de fondsen en infrastructuur van de farmaceutrische industrie beschikken die nieuwe niet-dierlijke methoden ontwikkelen. Dat is een eerste stap. Een tweede stap is de validatie van deze methoden. De validatie van een enkele niet-dierleijke methode kan tot tien jaar duren. En eens de validatie achter de rug, moet de methode nog de nodige regelgevende goedkeuring krijgen. Dat kan nog eens tot vijf jaar duren. We spreken dus over vijftien jaar om één enkele niet-dierlijke testmethode erdoor te krijgen. Tegen dat tempo gaat het nog vijfhonderd jaar duren voor we alle dierproeven vervangen hebben.

De Britse wet stelt dat alle alternatieven voor vivisectie eerst op dieren moeten getest worden voor ze als alternatieven kunnen gelden. Dit wijst er duidelijk op dat alternatieven niet  ernstig genomen worden omdat ze op twijfelachtige dierlijke methoden gebaseerd worden. Het enige realistische alternatief voor vivisectie is de totale afschaffing ervan.
Het woord 'alternatief' is een val. Het is een slecht gekozen term. We praten natuurlijk over niet-dierlijke methoden. Daar is geen onenigheid over. Als iemand een niet-dierlijke methode ontwikkelt, treedt de flessenhalsmethode in werking. Het kost vijftien jaar om die niet-dierlijke methode te laten goedkeuren en de dierlijke methode te vervangen. Dat werkt niet, het gaat veel te traag. Toch moeten we door dat hele proces, er is geen snellere manier. De farmaceutische industrie zou makkelijk de miljoenen waarover zij beschikken kunnen gebruiken om een hele resem niet-dierlijke methoden te ontwikkelen op heel korte termijn en dierproeven de wereld uitbannen. Maar ze doen dit niet.

In dit gevecht voor het beëindigen van dierpoeven willen we allemaal het einde zien van de financiële steun van zieke gezondheid en het begin van steun voor echte gezondheid. We willen hardwerkende wetenschap, geen frauduleuze wetenschap met winstgevende motieven. We willen menselijk gebaseerd wetenschappelijk onderzoek en menselijke klinische observaties en geen alternatieven maar echte wetenschappelijke research die nu binnen handbereik ligt. Wat we allemaal willen zien is een gelijkwaardig, wetenschappelijk debat. En vooral, we willen een Koninklijke Commissie of een juridisch onderzoek naar dierproeven. Klopt dat, Andre?
Een juridisch onderzoek is al een verbetering ten opzichte van een Koninklijke Commissie. We zijn wat bezorgd om een juridisch onderzoek omdat het zeer waarschijnlijk geregeld zal worden in het voordeel van de regering, dus we willen een onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek zonder daarom noodzakelijk haar vorm te bepalen. Het moet bovenal transparant zijn. Het moet uitgebalanceerd worden, en het wetenschappelijk argument tegen dierproeven weergeven. Het moet objectief gedaan worden. Dat is het gevaarlijke onderdeel, want vandaag kunnen vivisectoren veel meer wetenschappers en professoren optrommelen dan wij. We zijn er niet helemaal klaar voor. Waar we vooral in geïnteresseerd zijn, zijn meer systematische overzichten. Deze bestaan  nauwelijks. Daardoor zijn meer en meer weteschappers van mening dat het onverdedigbaar is om meer onderzoek te doen terwijl het bestaande onderzoek nog geëvalueerd moet worden.

Dupliciteit is op zich al een tegenargument. Is dat wat je bedoelt?
Wat ik bedoel is dat we de wetenschappers steunen die voor een onmiddellijk moratorium op dierproeven zijn. Ze zeggen: stop dierproeven. Kijk naar wat je tot hiertoe al gedaan hebt en zeg ons welke nuttige informatie dit ons heeft opgeleverd. Uit de paar systematische overzichten die tot nog toe gemaakt zijn van dierproeven tegenover klinische proeven blijkt dat dierproeven er niet goed uitkomen. Dus ik vind het bemoedigend dat veel wetenschappers zeggen: kijk, het is onverdedigbaar om nog meer dierproeven uit te voeren zolang we het bestaande onderzoek niet evalueren.
Zo vertelde een senior bestuurslid van de Amerikaanse gezondheidsinstantie FDA me in 1998 dat de FDA nog nooit dierproeven heeft geëvalueerd. Ook in het Verenigd Koninkrijk heeft de overheid nog nooit dierentesten aan een commissie of evaluatie onderworpen om te zien of ze echt werken. Dat is het beste bewijs. Niemand weet of dierproeven kloppen en toch gaan de regelgevende instanties gewoon door met het verstrekken van medicijnen op basis van gegevens verkregen uit dierproeven.

Toen dokter Ralph Haywood voor Huntingdon Life Science werke zei hij dat we maar voor 5 à 25 % uitsluitsel kunnen geven over bijwerkingen dankzij dierproeven. Dat betekent dus dat 75 tot 95 % van de producten die op de markt gebracht worden onbekende bijwerkingen hebben.  
Het betekent dat dierproeven 1 op 4 van de slechte werkingen van med voorspellen. Kortom: het is veiliger om een munt te werpen, mits je dan 50 % kans hebt op het juiste antwoord in plaats van 25 %. Bovendien weet je enkel nadien welke van de bijwerkingen die bij dieren optraden, ook bij mensen optreden. Wat je daaruit kan afleiden, is dat dierproeven de menselijke reactie niet voorspellen. Meer bewijs heb je niet nodig.

Denk je dat de vraag voor transparantie in dierproeven een stap achteruit is (omdat het niet oproept voor afschaffing) of is het onontbeerlijk om universiteiten en labo's te dwingen openbaar te maken welke dierproeven zij uitvoeren, zelfs al moeten zij niet zeggen wie de experimenten uitvoert en waar en wanneer dat gebeurt ?
Vooraleer het publiek een weloverwogen beslissing kan maken over het feit of dierproeven nuttig zijn, moeten ze perect weten wat er aan de hand is. Als je iets wil stoppen, moet je het openbaar maken. Zoals Hans Ruesch altijd zei: 'Als je een misdaad niet bekendmaakt aan het grote publiek, zal je die nooit stoppen.' Dus moeten we bekendmaken wat er precies aan de hand is en het publiek vragen: wil jij hier mee verantwoordelijk voor zijn? Wil jij dit met jouw belastingsgeld steunen? Dat is een onderdeel van het gevecht. Een andere hindernis, vooral in het Verenigd Koninkrijk, is de obsessie voor geheimhouding. De Vrijheid van Informatie-wet werd van kracht in 2005, ook met betrekking tot dierproeven. Ik kan je nochtans garanderen dat de Home Office je in je gezicht uitlacht als je informatie van hen probeert los te krijgen door middel van deze wet. Ze zeggen eenvoudigweg: 'Sorry, we hebben deze informatie maar we kunnen ze niet geven door de activiteiten van een kleine groep mensen die de veiligheid van onderzoekers en instituten in gevaar kunnen brengen.'
Ik geloof nooit dat er transparantie komt, en als het er ooit komt, zal dat niet snel genoeg zijn. Transparantie is een goede zaak, maar het is als een wet goedkeuren die goed lijkt maar die onafdwingbaar is.

Als de vraag naar transparantie bestond en toegejuigd werd door voorstanders van dierenrechten, wie zegt er dan dat immense belangen in dierproeven er niet toe zouden leiden dat we enkel dat te zien krijgen wat de industrie wil dat we zien en dat een eerlijk en objectief oordeel onmogelijk is?
Men zal altijd zoveel mogelijk in de doofpot steken. George Bernard Shaw zei :  'Zij die niet twijfelen om vivisectie uit te voeren, zullen ook niet twijfelen hierover te liegen.' Ik kan je verzekeren dat ik heel weinig succes heb gekend toen ik probeerde om met de Vrijheid van Informatie-wet basisinformatie over dierproeven te weten te komen.

Als transparantie verplicht zou zijn en bedrijven zouden het publiek proberen tonen dat hun activiteiten 'voor de bestwil van het volk' zijn, zou dit een doos van Pandora openen voor activisten?
De ervaring leert ons dat bedrijven als de farmaceutische industrie hun eigen definitie hebben van transparantie. Zo houden zij consequent de negatieve resultaten van klinische testen verborgen om de verkoop van nieuwe medicijnen niet te laten dalen. In 2000 al riep de Declaratie van Helsinki - het mondstuk van de World Medical Association - de mensen betrokken bij klinische studies op om 'schoon schip te maken' door al hun informatie te publiceren - de goede en de slechte resultaten. Maar het is nog maar heel recent dat massale publieke druk en mediabelangstelling voor de marketingstrategieën van farmaceutische bedrijven hen dwongen om meer gegevens openbaar te maken. Ik zeg 'meer', niet 'alle' informatie, omdat het specialisten zijn in het beperken van de schade en in de doofpot stoppen - we krijgen nog steeds niet alle informatie die we nodig hebben.

Vertaald door Bite Back van de website: http://www.abolitionist-online.com/index.shtml

 


Zorg dat het 'T'-symbool is aangezet om de Nederlandse ondertiteling te tonen

Deze video is door Bite Back in het Nederlands vertaald. Bron: Animal-TV.org